March 21, 2020

In volle vaart naar Patagonië

Het is niet de bestemming die telt, maar de reis. Tenminste, dat maken de meest cliché reisverzen ons wijs.

In volle vaart naar Patagonië

Van eiland Chiloé namen we een boot, terug richting vasteland, van ferrymaatschappij Naviera Austral. Onze bestemming was Puerto Cisnes, een havenstad tussen twee steden aan de Carretera Austral waar we heen wilden: Puyuhuapi en Coyhaique.

De Carretera Austral ofwel Ruta 7 is de Route 66 van Chili. Alleen leidt die helemaal nergens heen: na de laatste stop Villa O’Higgins houdt de weg gewoon op. Waarom we deze route zo graag wilden doen en hoe we er uiteindelijk wel weg geraakten, is voer voor een volgende blog.

We hadden twee keuzes: de korte route, die ‘amper’ twaalf uur varen inhoudt, of een langere route van 19 uur. Makkelijke keuze, zou je denken. Alleen: de ferry’s varen sowieso ’s nachts en ‘s nachts kan je niet genieten van het magistrale uitzicht op de bergen en bossen van Patagonië. Al snel waren we het erover eens dat we het helemaal niet erg vonden om een paar uur langer te varen, als we er tenminste een mooi uitzicht voor in de plaats kregen.

Alarm.

Net nadat we onze tickets gekocht hadden in Castro, checkten we het weerbericht. Vanaf de dag van onze ferry trok er een regenzone over Patagonië. Die zou trouwens de hele eerste week van onze roadtrip door de Carretera Austral omvatten.

We zagen de bui al hangen. Misschien was het toch niet zo’n top idee om lang op een boot te zitten schuilen voor de regen, terwijl de donderwolken zich voor de bergen zouden nestelen en ons dat prachtige zicht zouden ontnemen.

Zouden, zouden, zouden.

Het weer in Patagonië is onvoorspelbaar. Vier seizoenen in een dag is geen uitzondering. Ten slechte (het is zomer maar het kan plots winters koud blijken), maar ook ten goede.

Drie spetters regen hebben we gevoeld tijdens onze overtocht. Of misschien dertig. Meer zal het niet zijn. Wat kregen we in de plaats? Magistrale vergezichten. Oog in oog met Patagonië. Up, close and personal. En met gepaste soundtrack.

Tijdens een wandeling op het dek stond ik plots in het gezelschap van drie Chileense muzikanten: een met gitaar, een met accordeon en een met trompet. En floot ik lustig mee met hun deuntjes. Want het eerste lied dat ze samen aanvatten, was Bella Ciao, Bella Ciao, Bella Ciao Ciao Ciao! Beter dan dit wordt een boottocht niet.